Griekenland verdeeld in stadstuten
Na 900 voor Chr. begon een nieuwe bloeiperiode in Griekenland. Er ontstonden verschillende stadstaten, die bestonden uit een stad en het omringende landbouwgebied. Dat was een verschil met Egypte, waar n staat was ontstaan. De belangrijkste stadstaten van Griekenland waren Athene, Sparta en Thebe.
Als je de kaart van Griekenland bekijkt, zie je al nel wat de oorzaak van het ontstaan van stadstaten is: Griekenland is heel bergachtig. Steden ontstonden vooral in de dalen die naar zee voerden. Griekenland vormde dus geen staatkundige eenheid.
De hoge bergruggen hinderden het handelsverkeer over land. Wel was handel over zee mogelijk. Net als de Fenicirs werden de Grieken dus een zeevarend volk.
Ik steden ragen meestsi 'liet pal aan zee, maar landinwaarts op een hoogte. Dat gaf overzicht en rugdekking. De burcht lag het hoogst, daar kon de bevolking bij een aanval naartoe vluchten. Ook stonden daar de tempels.
Centrum van een wereldeconomie
Als we Griekenland vergelijken met Egypte, dan is er een belangrijk verschil. Egypte was voor de boeren een paradijs. Eeuw na eeuw voerde de Nijl slib aan, eeuw na eeuw leverde dat overvloedige oogsten op. Oorspronkelijk was Griekenland ook een vruchtbaar land. Maar wit nu over het kale, rotsachtige land vliegt, kan zich niet voorstellen dat de hellingen er drieduizend jaar geleden bekleed waren met dichte bossen en groene velden. Het was een fraai, maar kwetsbaar landschap. Toen de boeren in steeds hoger tempo de bossen rooiden en toen de schapen en geiten de hellingen kaalvraten, verweerde de bodem in de zon. Regen en wind deden de rest; de vruchtbare aarde kwam in zee terecht. Rond 800 voor Chr. kregen de Griekse steden gebrek aan goede landbouwgrond. Dat was te merken aan de lage opbrengsten en aan de hoge voedselprijzen.
Kolonist en koopman
Veel Grieken verlieten hun land om buiten Griekenland een bestaan op te bouwen. In het hele Middellandse Zeegebied stichtten deze Grieken kolonin. Griekse boeren brachten er land in cultuur. Steden als het Spaanse Malaga, het Franse Marseille en het Italiaanse Syracuse zijn van oorsprong Griekse kolonin. De Grieken stichtten ook kolonin in het Zwarte Zeegebied en langs de westkust van Klein-Azi.
Aanvankelijk waren er nog intensieve contacten
tussen de kolonin en de Griekse steden, maar de kolonisten knoopten ook zelfstandig contacten aan met andere volken in het Middellandse Zeegebied. Zo werden de kolonin steeds zelfstandiger.
De kolonisten bleven zichzelf wel Griek voelen en ze voelden zich superieur aan de volken die van die onverstaanbare 'barbaarse' talen spraken.

Athene, centrum van een wereldeconomie De kolonin werden gesticht in vruchtbare gebieden. De graanoogsten in de kolonin waren zo groot dat het overschot gexporteerd kon worden naar Griekenland zelf Er kwamen ook andere produkten uit de kolonin. Uit het tegenwoordige Roemeni en Oekrane kwamen schepen met graan, uit Macedoni kwam timmerhout, van Rdos vijgen en rozijnen, uit Zuid-Itali varkens, kaas en graan en uit Egypte papyrus, zeildoek en graan. De meeste goederen gingen naar Athene en vanuit Athene werden ijzer- en zilversmeedwerk, wijn en olijfolie gexporteerd. In de vijfde eeuw voor Chr. was Athene het centrum van de wereldhandel. Athene werd de rijkste en machtigste stadstaat van de Griekse wereld. Maar niet iedereen profiteerde van de rijkdom. Vooral de boeren rond Athene hadden het zwaar. Ze ondervonden de nadelen van de import van goedkope landbouwproducten uit de kolonin. Zij konden er niet tegen concurreren. Om in leven te blijven, moesten ze steeds vaker geld lenen. Wie zijn schulden niet kon aflossen, verkocht zijn grond aan een grootgrondbezitter. Het kwam zelfs voor dat boeren door de schuldeiser als slaaf verkocht werden.
In de volgende paragrafen staat Attica, zoals de stadstaat Athene ook wordt genoemd, centraal.
