Dit boek heet Levende geschiedenis. 'Levend' omdat het gaat over een verleden, waarin de levens van mensen en hun samenlevingen centraal staan. 'Levend', omdat wij in onze rijd altijd met het verleden te maken hebben. We zien de sporen terug in de vorm van gebouwen, boeken of werktuigen. Soms als herinnering aan het verleden. soms als iets dat we nog altijd gebruiken. Denk aan het wiel, de akkerbouw, de godsdienst. Kortom, veel geschiedenis is springlevend.
Geschiedenis kun je vergelijken met een reis door de tijd, met een erfenis of met een vervolgverhaal. Een verhaal verteld door historici. Historici zijn de vakmensen die zich bezighouden met het bestuderen en beschrijven van de geschiedenis.
Vete verhalen
Historici vertellen over de geschiedenis een verhaal. Niet het verhaal, maar verschillende verhalen, want over geschiedenis kun je van mening verschillen. Als Columbus herdacht wordt, dan verschijnen er wel tien verschillende boeken over hem. De eerste historicus zal zeggen dat Columbus een schurk was. die zijn matrozen slecht behandelde, een ander zal schrijven dat hij zo'n bekwame kapitein was en een derde dat hij zo slim een ei kon neerzetten. Hoe kunnen zulke verschillende verhalen ontstaan?
Bronnen
Historici schrijven niet zomaar op wat ze over Columbus denken. Ze gaan uit van wat ze over hem te weten komen. Dat kan via het logboek van zijn schip of via zijn brieven aan de koning van Spanje. Ook zijn er veel niet-schriftelijke bronnen, zoals een schilderij waarop zijn schip staat afgebeeld. Kortom: elk document dat iets met Columbus heeft te maken. Zulke documenten noemen we bronnen.
