Willem van Oranje
De belangrijkste edelman in Spaanse dienst was Willem van Oranje. Hij had grote bezittingen in en buiten de Nederlanden. Willem was de tweede zoon van de graaf van Nassau, in hei Duitse rijk. En bezitting, het prinsdom Orange in Frankrijk, zorgde voor zijn hoogste titel. prins. Daarom is Oranje-Nassau de familienaam van het Nederlandse vorstenhuis. Koningin Beatrix stamt in de vrouwelijke lijn rechtstreeks van Willem van Oranje af
In de Nederlanden was Willem stadhouder van Holland. Zeeland en Utrecht. Filips zag in hem de aanstichter van het kwaad. Daarbij zou best eens een beetje jaloezie In het spel geweest kunnen zijn. Willem was namelijk de oogappel geweest van Karel V. de vader van Filips. Toen Alva naar de Nederlanden kwam, vluchtte Willem naar zijn familieslot. de Dillenburg in Nassau. Dat bleek een verstandige zet, want twee andere stadhouders. Egmond en Hoorne. werden door Alva gearresteerd
Willem bracht een leger op de been en deed in 568 een inval in de Nederlanden. Alva hakte dat leger in de pan en liet Egmond en Hoorne om-hoofden. De Opstand leek mislukt. Duizenden protestanten vluchtten naar Duitsland en Engeland. Deze geuzen ontkwamen aan Alva, die honderden vermeende oproerkraaiers ter dood liet veroordelen.
De Pacificatie van Gent
In 157z nam een troep geuzen volkomen onver-
wacht Den Brie! in. In veel steden in het noorden
van de Nederlanden brak toen een volksopstand
uit: zij verklaarden zich 'voor de Prins'. Dat kon,
omdat in veel steden in het noorden maar weinig
Spaanse troepen waren. Die kon de bevolking
vaak nog wel op eigen kracht de stad uitwerken.
In datzelfde jaar hielden de steden die in opstand
waren een vergadering in Dordrecht. Daar be- noemden ze Willem van Oranje tot stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht - geheel tegen de zin van Alva en Filips natuurlijk.
Het lukte Alva ditmaal niet de opstand te onderdrukken. Hij nam Zutphen, blaarden en Haarlem in, maar uit angst voor het meedogenloze optreden van de Spanjaarden hielden Leiden en Alkmaar stand. De opstand was gered. Toen geweld niet meer bleek te helpen, werd Alva naar Spanje teruggeroepen.
Het zuiden had niet meegedaan aan de opstand. Het protestantisme was er zwak. Toen brak in 1576 muiterij uit onder de Spaanse troepen. Die hadden al tijden geen soldij ontvangen, en sloegen daarom maar aan het plunderen. Zelfs de katholieke zuidelijke gewesten wilden nu dat de Spaanse troepen zouden verdwijnen en dat aan de vervolging van ketters een einde kwam. Deze wens spraken alle zeventien de gewesten (de noordelijke n de zuidelijke dus) uit bij de Pacificatie van Gent in 1576. Willem van Oranje leek zijn
doel bereikt te hebben: samenwerking van de
zeventien gewesten en godsdienstige verdraag-
zaamheid tussen katholieken en protestanten.
